Omgevingsvisie Uitdam
Archiefinformatie uit het aangeleverde document. Deze tekst beschrijft de situatie op de daarin genoemde data.
Het dorp Uitdam is in 2030 niet groter dan nu, verkeersluwer, achter een veilige dijk die zoveel als mogelijk onaangetast is gebleven, aan een weids gebleven Markermeer zonder industriële activiteit en in een open veenweidelandschap waar verduurzaming en natuurwaarden voorop staan.
Het dorp Uitdam telt anno 2016 circa 50 woningen, plus 8 in het “buitengebied”. Er wonen circa 129 personen , waarvan er 24 jonger zijn dan 18 en 33 die ouder zijn dan 65 jaar. Als kleinste kern in de gemeente Waterland verdient het speciale aandacht.
Historie
De dam waarnaar Uitdam is vernoemd werd aangelegd in de 13e eeuw. Het dorp werd vooral bekend als woonplaats van de schippers van de scheepskamelen: drijvende dokken waarmee inde zeventiende eeuw schepen over de ondiepte van Pampus werden getild. Na deze bloeitijd brak een periode aan waarin visserij en agrarische bedrijvigheid de belangrijkste bronnen van inkomsten waren. Na de aanleg van de afsluitdijk is de visserij geleidelijk verdwenen en de landbouw in betekenis afgenomen. Op oude afbeeldingen ziet men dat de weg door Uitdam over de dijk loopt. Deze loopt nu door de voormalige achtertuinen, waardoor de bijzondere, niet bebouwde “overtuinen” zijn ontstaan. Hierdoor heeft de zeer beperkte ruimte tussen de dijkhuizen en de dijk zelf een heel eigen sfeer gekregen. Uitdam dankt zijn ontstaan, ligging en vorm aan de dijk en het water. De door vele doorbraken bochtige dijk kronkelt door het dorp en geeft het een typisch “Waterlandse” charme. De 800 jaar oude dijk is het kenteken van ons dorp.
Actuele situatie
Uitdam is een dijk- en lintdorp. Het wordt aan beide zijden begrensd door water: in het oosten door het Markermeer, in het westen door de Uitdammer Die. In het zuiden grenst Uitdam aan het Amsterdamse landelijk Noord, in het noorden is Marken niet ver. In de directe nabijheid van het dorp vindt men langs de Zeedijk en de Rijperweg enkele agrarische bedrijven. In het dorp wonen overwegend forensen, voor een belangrijk deel “import” naast een kleiner aantal “autochtone” bewoners. Er zijn relatief veel ondernemers en vrije beroepsbeoefenaren, waaronder kunstenaars. Er is een sterke sociale samenhang: men kent elkaar bij naam, er zijn geregeld dorpsbrede activiteiten in het dorpshuis en over gemeenschappelijke belangen wordt minimaal eenmaal per jaar vergaderd. Het dorp heeft een levendig verenigingsleven en een dorpsraad die zich inzet voor het gemeenschappelijk belang, zoals rond de dijkversterking en de komst van het recreatiepark. De dorpsraad onderhoudt ook het beleidsoverleg met de gemeente. Helaas zijn mettertijd winkels en school verdwenen. De betrekkelijk grote groep nieuwkomers heeft bewust gekozen voor het wonen in een kern zonder voorzieningen en ervaart dit niet als een probleem. De landelijke rust zo dicht bij de grote stad wordt gewaardeerd. Sinds kort is er een buurtbus.
Bedreigingen
1. Aantasting van het dorpsgezicht door ingrepen aan de dijk. Al honderden jaren liggen de meeste huizen van Uitdam aan de dijk. Sinds die als primaire waterkering werd afgekeurd is een discussie gaande over de optimale afruil tussen veiligheid en behoud van cultuurhistorische waarde. Daarin is de dorpsraad van Uitdam intensief en tot op het hoogste niveau betrokken. De inzet van Uitdam is dat ingrepen aan de dijk het huidige aanzicht niet mogen veranderen. De meeste Uitdammers zien aantasting van de dijk als het belangrijkste gevaar voor de kwaliteit van hun leefomgeving.
2. Verbreken van het contact tussen dorp en dijk door fietspad. Dijk en dorp hebben innig contact doordat de tuinen aan de huizen aan de dijk direct uitgeven op de dijk. De bewoners gebruiken “hun” dijkdeel als informeel uitloopgebied, overigens zonder dat wandelaars iets in de weg wordt gelegd. Het bestaande fietspad over de dijk buigt in het dorp af langs de weg. Bij de plannen voor dijkversterking komt de wens het bestaande fietspad over de dijk aan de Markermeerkant van het dorp door te trekken regelmatig terug. Dit zou het dorp afsnijden van de dijk. Dijkbewoners vinden dat zeer ongewenst.
3. Verdergaande intensivering van het verkeer. Uitdam ligt aan een dijkweg die de belangrijkste route is voor zwaar verkeer naar Amsterdams landelijk Noord en tevens dient als sluiproute naar de A10 voor spitsverkeer over de N247. Daarnaast is er buiten de winter een steeds intensiever recreatieverkeer. De komst van het recreatiepark met meer dan 200 woningen zal dit nog doen toenemen. En Amsterdam wil gebruikmaken van de omringende gebieden om de toeristische druk op de stad te verminderen. Dit alles leidt tot een gestaag aanzwellende stroom van weggebruikers langs de smalle weg door het dorp. Onveiligheid, ook door groepen wielrenners, en geluidsoverlast (motoren) tasten de kwaliteit van leven in toenemende mate aan.
4. Toename drukte op Markermeer vanuit het recreatiepark. Na veel jaren van onderhandelen heeft het dorp ingestemd met de komst van het recreatiepark. Met meer dan 200 verblijven zal het verkeer door en rond het dorp aanzienlijk toenemen, ook over het voorheen nog rustige water. In de overeenkomst die de gemeente met de exploitant is opgenomen dat de ontsluitingsweg naar het noorden wordt verlegd en jetski’s zijn verboden. Toch valt te verwachten dat autoverkeer en, over het water motorgeronk van speedboten, vaker zalvoorkomen. Geronk aan de weg en op het water maakt het goede leven lastiger.
5. Huizenbouw op vrijvallende bedrijfspercelen. Als bedrijven geen perspectief meer hebben en verlaten worden mag het vrijvallende perceel benut worden voor de bouw van huizen. Meestal worden er op zo’n terrein dan zoveel mogelijk huizen gebouwd, en niet zelden met uitbreiding van het perceel buiten de bestemmingsgrenzen. Dit leidt op den duur tot een het ontstaan van een gehuchtenlandschap in het openveenweidegebied. Behalve de vernietiging van het landschap brengt dit een steeds toenemende belasting van de wegeninfrastructuur met zich mee. Open veenweide wordt zo suburbia. Het bouwen van huizen op vrijvallende bedrijfsterreinen mag dus alleen onder strikte voorwaarden en bestaande bedrijfsvoering niet hinderen.
6. Gevolgen van de bodemdaling. De bodem van Waterland daalt op sommige locaties tot 1 cm per jaar. Op een mensenleeftijd misschien te overzien, op een iets ruimer tijdschaal zoiets als het verdwijnen als sneeuw voor de zon. In de periode tot 2030 heeft 14 cm daling consequenties voor dijken, wegen en huizen. De bodemdaling moet zoveel als mogelijk beperkt worden.
7. Verrommeling van het open weidegebied Uitdam ligt in een groot, open weidegebied. Er komen nog veel weidevogels voor. In de avond valt op hoe donker deze hoek tot aan Monnickendam nog is: het ontbreken van lichtvervuiling wordt als zeer waardevol ervaren voor natuur en mens. Bouw van huizen of bedrijven zal deze kwaliteit doen verdwijnen. Na de op dit moment geplande bouw zien wij geen ruimte voor uitbreidingen in en om Uitdam. Het ontwikkelen van bedrijven of bedrijfsterreinen zal geconcentreerd moetengebeuren bij de grotere kernen. Bestaande bedrijven worden gerespecteerd.
8. VerlandingDe Uitdammer Die wordt steeds ondieper. Uitdam ligt bij de dominante windrichting zuidwest aanlager wal, wind en golfslag voeren slib aan. Er is een duidelijke verlandingstendens. Het op dieptehouden van de Die is een voorwaarde voor de toegankelijkheid ten behoeve van de bewoners enen kleinschalige recreatie, zoals kano’s.
Kansen
1. Ontwikkeling van natuurwaarden. Waterland biedt een uniek stuk beleving in fysieke aansluiting op Amsterdam, zowel in cultuurhistorisch als in relatie tot de natuur: het veenweidegebied. Ontwikkeling van die waarden kan voor het dorp Uitdam voordelige gevolgen hebben, en bovengenoemde risico’s wegnemen of verminderen.
Natuurwaarden zijn onlosmakelijk verbonden met het agrarisch karakter van Waterland. Onze boeren zijn onmisbaar: zij “beheren “ het veenweidegebied, op sommige bedrijven al generatieslang. Er wordt door hen nu al veel gedaan aan agrarisch natuurbeheer o.a. ten behoeve van de weidevogels. Overheidsbeleid is gericht op verdere verduurzaming en versterking van natuurwaarden. Dergelijke ontwikkelingen zijn alleen in samenwerking met de boeren mogelijk. Hun belangen moeten worden gerespecteerd en hun expertise meegenomen in het beleid. Als dat lukt kan Waterland een succesvol voorbeeld worden voor de ontwikkeling van natuurwaarden ineen agrarisch gebied.
2. Energie Uitdam staat niet te springen om meer windmolens, maar ziet wel kansen in samenwerking met de boeren rond de bouw van zonnepanelen op de daken van schuren. Dat kan voordelig gebeuren in het kader van de asbestverwijdering die verplicht gaat worden. Dat kan misschien ook de komst van meer zonnepanelen op de daken in het dorp voorkomen.
3. Kleinschalig recreatie Gedacht kan worden aan (zwem)steigertjes, aanlegplaatsen voor zeilschepen, uitzichtpunten op dijkdelen of aan het Die. Ook het bouwen van nette sanitaire voorzieningen zou hier bij kunnen horen. Nadrukkelijk wordt niet gekozen voor grote parkeerplaatsen, horeca en andere grootschalige recreatie. Het gebied is kwetsbaar en verdient een zorgvuldig en passend ontwerp.
4. Afname spits- en bouwverkeer.Verbetering van de doorstroming van spitsverkeer over de N 247 (o.a. bij Broek in Waterland), incombinatie met maatregelen die sluipverkeer tegengaan kunnen veiligheid en kwaliteit van levendoen toenemen. Verder moet de gemeente Amsterdam verantwoordelijk gesteld worden voorontsluiting van landelijk Noord voor bouwverkeer, in plaats van transport via Uitdam zoals nu hetgeval is.
Samenvattend kiezen de bewoners van Uitdam voor beleid waarin vernieuwing in dienst staat van het behoud: van unieke cultuurhistorische en natuurwaarden en van een vitaal agrarisch bedrijfsleven. Voor behoud en versterking van het goede.
